Tagarchief: Rik Vereecken

Waar blijft de Enlightenment?

rik-vereecken-credit-holy-shot-photography-kopieren
Lees het gehele artikel

We hebben het in deze rubriek al eens gehad over IoT. Als je kijkt naar onderzoek over de groei van het aantal IoT-apparaten en applicaties zie je enorme verschillen in aantallen en voorspellingen. Zo blijkt ook uit de ‘Hypecycles’ van Gartner. Waar IoT in 2015 zogenaamd op het toppunt van de hype was, is dit nu – vijf jaar later – niet in de zogenaamde slope van Enlightenment gekomen. In weerwil van de voorspellingen.

Verwarrend? Het is een feit dat niemand het eens is over wat het internet der dingen echt betekent. Kijk maar eens rond: je zal geen enkele universele definitie vinden.Is IoT de Peter Pan van de technologie (een technologie die niet volwassen wordt met geheel eigen regels)? De wortels van IoT liggen in embedded computing. Zelfs het eenvoudigste IoT-apparaat moet enige verwerkingscapaciteit hebben. Maar IoT is meer dan een ingebedde processor met toegevoegde draadloze connectiviteit.

Dit is waar een deel van de hype én de strijd om de cijfers begint. (Te)veel technologieën, soorten applicaties en apparaten. IoT evolueerde in korte tijd van een verheven concept naar een heersende realiteit en brengt intelligentie naar apparaten verbonden met internet om vrijwel elk aspect van onze zakelijke en persoonlijke activiteiten te beïnvloeden. Van geconnecteerde verlichting en slimme thermostaten tot weegschalen die zeggen dat we meer moeten bewegen. Althans, ik had er zo eentje thuis. Eerlijk, ik werd er niet gelukkig van, in tegenstelling tot de firma die gratis over de voor mij intieme details als de evolutie van mijn gewicht beschikte. Op een morgen (toegegeven, ik ben geen ochtendmens) heb ik geprobeerd of het toestel ook zo intelligent was om te kunnen vliegen. Het antwoord is neen.

Hoe vaak heb je gehoord dat Internet of Things (IoT) episch wordt – met miljarden verbonden apparaten? En toch is de overweldigende reactie van technische consumenten op dit moment ‘bwah’. Voornaamste reden? IoT moet echte problemen oplossen. Voordat iemand me uitdaagt, ja, ik weet dat IoT voordelen levert in activa-zware industrieën, inclusief fleetmanagement, productie, energie en logistiek. De kwestie die ik heb gaat over IoT-producten voor een breder B2C-publiek.
22 jaar geleden kreeg ik het beste advies ooit voor een productmanager: “Als je het probleem niet kunt omschrijven dat je oplost, voor wie, hoe en tegen welke prijs, heb je geen product.” Voor mij voelt IoT als een verzameling nieuwe verbonden producten, waarvan vele triviale problemen lijken op te lossen.

Oplossingen voor problemen waarvan je niet wist dat je ze had. Gadgets in de categorie leuk om te hebben, in plaats van de must-have. Alhoewel, ik vond mijn weegschaal niet leuk. IoT is geen oplossing, het is een platform. De crux is om eerst aan de klant te denken, niet aan de technologie. Een ‘IOT-ecosysteem’ bestaat namelijk uit enthousiaste mensen, geen chips. IoT voor een zichtzelf-instellend verlichtingssysteem? Daar teken ik voor. Jij ook? 

Column Rik Vereecken | De ingebouwde existentiële ledcrisis

de-pen-rik-vereecken-credit-holy-shot-photography-kopieren
Lees het gehele artikel

De aandacht van het publiek voor verlichting heeft enkele jaren geleden een opleving gekend door het verplicht efficiënt worden van lichtbronnen. Eerst was er de omschakeling van de klassieke gloeilamp, die een eeuw populair gebleven is, naar tl en chl (je weet wel, die lelijke varkensstaarten op een fitting). Dimmen was moeilijk en de lichtkleur was veel te koel voor de liefhebbers van warme verlichting, wat we overigens bijna allemaal zijn eens het avond wordt.

Dan was er de hoogvermogen-led, die relatief eenvoudig allerlei kleuren kon produceren. In de beginjaren was het nog niet echt overtuigend, maar vandaag is de kleurechtheid van led fenomenaal. De ledindustrie is dan ook heel snel gegroeid en ‘smart lighting’ is gemeengoed geworden.

Er verschijnen echter donkere wolken aan de horizon: de levensduur van de ledlamp. Niet dat die te kort is, integendeel. De ondergrens is 35.000, gemiddeld 50.000 uren. Hoe kan de maakindustrie overleven met producten die slechts na 15 jaar moeten vervangen worden? En mensen denken meestal enkel na over verlichting als de lamp stuk gaat. Zal er dan wel nog aandacht zijn voor licht eens de gadgets vrijwel alledaags geworden zijn? Je kan het dus met een lichte vorm van overdrijving een ingebouwde existentiële crisis noemen.

Zeker, er zijn nog verbeteringen mogelijk en minder zichtbare maar meer zinvolle toepassingen als Tunable White vinden ingang. En toch… Een bijkomend probleem is dat de stuursystemen veelal nog gebaseerd zijn op oude technologie en er zelden verder gekeken wordt dan enkel lichtsturing. Voeg daarbij het feit dat met de energiezuinigheid van leds ook de zinvolheid ervan in vraag gesteld wordt en ook die tak van de industrie deelt in de klappen.

Nochtans schuilt hier een enorme opportuniteit: niemand stelt de rol van een gebouwenbeheersysteem in vraag. Debet hieraan zijn steeds hogere eisen op vlak van comfort en energie-efficiëntie. De lat ligt hoger dan ooit. Hier kan het verlichtingstoestel een enorme rol spelen met grote toegevoegde waarde. Verlichting is namelijk overal en veelvuldig in het gebouw aanwezig. Alle toestellen zijn voorzien van energie en er zijn geen installatiekosten voor een Internet of Things-infrastructuur. Door verlichtingsarmaturen te gebruiken met ingebouwde locatiebakening, zogenaamde ‘beacon technology’ – er zijn ledfabrikanten die dit standaard aanbieden – en optionele omgevingssensoren wordt de armatuur ineens veel meer dan ‘enkel’ een lichtbron.

In ieder geval wordt de interactie tussen gebruiker en de omgeving steeds belangrijker. Indien we de mens werkelijk centraal willen stellen, en niet alleen gebruiken als marketingterm, dan is de integratie of voor mijn part convergentie van de lichtsturing naar IoT een noodzaak.

Nu nog de conservatieve lichtindustrie overtuigen en we kunnen vol vertrouwen een prachtig verlichte toekomst tegemoet.

Column – Rik Vereecken | Bang in het donker?

de-pen-rik-vereecken-credit-holy-shot-photography-kopieren
Lees het gehele artikel

Jammer, hackers hebben misschien toegang tot je verlichting. En hoewel je hierbij de schouders kan ophalen, kan dit de deur openzetten voor veel grotere problemen. Je staat er niet bij stil. Bij toegangscontrole en camera’s gaan we er (terecht) van uit dat deze goed beveiligd zijn. Maar indien hackers toegang tot het gebouw of thuisnetwerk willen, kan elk apparaat dat is aangesloten op een smart home- of smart building-systeem als gateway fungeren voor dit netwerk.

Zo kan je mooie, fancy verlichtingstoestel met 65.000 kleuren worden misleid om een vreemd toestel te vertrouwen en een hacker toegang tot het systeem te bieden. Het is het elektronische equivalent van het hebben van een veiligheidsdeur met stalen pinnen en het achterlaten van de sleutel onder de mat. En wanneer de hacker toegang krijgt tot het netwerk, kan de potentiële schade verwoestende gevolgen hebben.

Bouwers van IoT-oplossingen moeten security daarom de hoogste prioriteit geven en weten dat vertrouwen op leveranciers van apparatuur misplaatst is, zelfs indien beveiligingscertificaten en security-keys worden meegeleverd.

Vaak blijkt dat meegeleverde ‘sleutels’ niet meer zijn dan een standaardinstelling die iedereen kent, vergelijkbaar met elektronische cijfersloten die standaard worden geleverd met de code 1234. In de praktijk blijkt dat die code in 15 procent van alle gevallen nooit meer gewijzigd wordt.

Hoopgevend is dat bij steeds meer fabrikanten een duidelijke evolutie naar intrinsiek beveiligde toestellen en apps waarneembaar is. Nu is veiligheid geen exclusief probleem van IoT-verlichting, integendeel. Enkele maanden geleden verscheen er een alarmerend artikel van ‘Computest’ dat duizenden KNX-systemen in gebouwen eenvoudig toegankelijk zijn voor hackers. Een bericht dat de mensen van de KNX Association zich stevig deed verslikken in hun koffie.

Nu kan je wel stellen dat systemen in werkelijkheid altijd kwetsbaar zijn als zij gekoppeld worden aan de rest van de wereld. Maar je kan die kwetsbaarheid wel verkleinen door standaard een goede beveiliging in te bouwen. En vooral door de installateurs en integratoren te informeren, sensibiliseren en op te leiden.

Zo, tijd om de scène ‘gezellige avond’ op te roepen. Met slimme verlichting natuurlijk.